De drie regels die het vaakst gelden
1. Klein wijkt voor groot (o.a. BPR art. 6.16 bij in-/uitvaren van havens en nevenvaarwater, art. 6.17 bij kruisende koersen).
2. Motor wijkt voor spierkracht en zeil; tussen kleine schepen onderling: motorschip verleent voorrang aan roeiboot en zeilschip; de roeiboot aan het zeilschip (art. 6.17). Een zeilboot op de motor telt als motorboot.
3. Goed zeemanschap gaat boven alles (art. 1.04/1.05): ook met voorrang moet je een aanvaring voorkomen als dat kan.
De nuance: het BPR bouwt geen universele hiërarchie. Elke situatie heeft een eigen artikel met een eigen regel; de bekende ezelsbruggen zijn geheugensteun, geen wetstekst.

De hoofdsituaties op een rij
Tegengestelde koersen: twee kleine motorschepen die recht of vrijwel recht op elkaar afvaren en dreigen aan te varen, wijken beide naar stuurboord. Zo passeer je bakboord op bakboord. Bij andere scheepstypen of een voorgeschreven passage gelden aanvullende regels (BPR 6.04).

Inhalen: de oploper wijkt en mag alleen inhalen zonder het ingehaalde schip te hinderen (art. 6.09/6.10).
Zeilschepen onderling: wind over bakboord wijkt voor wind over stuurboord; bij gelijke boeg wijkt loef voor lij.

Stuurboordwal volgen: geeft in de regel voorrang op een schip dat dat niet doet, maar is geen absolute garantie; grootte, hoofd-/nevenvaarwater en tekens kunnen zwaarder wegen.
Klein tegenover groot: ook schepen korter dan 20 meter kunnen volgens BPR 1.01 een groot schip zijn. Dit geldt onder meer voor veerponten op vaarwegen van klasse II of hoger en schepen die een groot schip slepen, assisteren, duwen of langszij meenemen. Ook passagiersschepen, vissersschepen en duwbakken zijn uitgezonderd van de definitie klein schip. Beroepsmatig gebruik alleen is niet voldoende. Een klein schip moet een groot schip de ruimte laten die het nodig heeft.
Veerpont: een klein schip verleent voorrang aan een veerpont die vertrekt, keert of oversteekt; de pont moet zich er eerst van vergewissen dat dat veilig kan (art. 6.23).

De klassieke misvatting: "zeil gaat altijd voor motor"
Motor wijkt voor zeil is een regel tussen kleine schepen in de betreffende koerssituatie. Een zeilboot kan zich er niet op beroepen om een groot schip te hinderen of bij een havenmond regels te negeren. Alleen beroepsmatig gebruik maakt een schip nog niet groot.
Goed zeemanschap als vangnet
Het BPR beschrijft situaties, geen garanties. Ook met voorrang blijf je verplicht een aanvaring te voorkomen: uitwijken, vaart minderen of stoppen. Voorrang hebben is nooit een vrijbrief.
Oefenvragen vaarregelsLuister naar uitleg over voorrang